9200000009906092

Moderne jonge vrouwen horen vooral: ‘zwangerschap is heel gevaarlijk.  Het is maar de vraag of jij het er normaal vanaf brengt. Gelukkig hebben wij veel high tech in huis om je baby in de gaten te houden.  We kunnen er niet op vertrouwen dat jij zelf iets opmerkt. En je bevalling: hoop er maar het beste van. Pijnstilling en techniek zijn in de buurt.  Hopelijk gaat het dan lukken. En anders hebben we plan B, een keizersnede.’

Het zelfvertrouwen van vrouwen wordt stelselmatig ondermijnd. Verloskundigen zijn opgeleid om het zelfvertrouwen van vrouwen te versterken. Jij kunt bevallen, net als je moeder en je oma’s.  Je verloskundige is er om je te ondersteunen en te helpen. Begeleiden is het belangrijkste deel van hun taak.

Hiervoor is het nodig dat je een vertrouwensband opbouwt met je verloskundige. Vandaag de dag is dat moeilijk. Vroeger waren vroedvrouwen vaak ongetrouwde vrouwen die dag en nacht beschikbaar waren voor hun cliënten. Ze kenden het hele dorp. Vaak hadden ze meerdere generaties geholpen.

Tegenwoordig zijn verloskundigen gewoon getrouwd, hebben een gezin en een sociaal leven naast hun baan. Dat betekent dat verloskundigen niet meer alleen werken. Ze werken in groepspraktijken en die kunnen behoorlijk variëren in grootte. En als je als zwangere bij een praktijk komt van 8 verloskundigen die je allemaal moet leren kennen is het lastig om een vertrouwensband op te bouwen.

Voor verloskundigen is dit systeem ook vaak onprettig. Het is fijn dat je werk en gezin kunt combineren, maar vaak zou je willen dat je meer tijd had voor vrouwen. Het Nederlandse systeem is zo ingericht dat de verloskundige ongeveer 130 vrouwen per jaar onder haar hoede heeft. Daar zijn ook vrouwen bij die een miskraam hebben. Of die ze alleen maar in het kraambed ziet na een ziekenhuisbevalling met een gynaecoloog. Dit is, vergeleken met collega’s in sommige andere landen, een zware werklast.